toon wassenberg.

pukkelpopimpressies

Zoals beloofd een kort Pukkelpopverslagje? De rug en de voeten zijn stilaan gerecupereerd, maar ik ga het toch in telegramstijl doen, voor de XL-verslagen kan je altijd eens gaan zien op de webstekken van Stubru, De Morgen of HUMO.

Donderdag

Santogold: betoverend en opwindend, maar nog niet àf

(een stukje van het irritante testomonster Danko Jones)

MaxNormal.TV: hilarisch Zuidafrikaans hiphoptrio met geflipte rapper Waddy Jones en een piepkleine blondine die zich “bokkie” laat noemen ? Ga zeker eens zien op www.maxnormal.tv

Tricky: nog net zo overtuigend als in ‘96, maar een veel te kort optreden

Ian Brown: irritante egotripper, die echter een nimmer vervelend optreden gaf en ons een mooi Waterfall van zijn vroegere  groep Stone Roses cadeau deed

Iron and Wine: voor mij het absoluut hoogtepunt van de dag, ook zonder mijn all time favourite The Trapeze Swinger

Roisin Murphy: ik heb nu eenmaal een boon voor haar, dus ik ben niet objectief. Schitterend optreden dus, maar aangezien ik haar toch niet kan krijgen voor het einde nog een stukje gaan meepikken van de Southern rockers Drive-by Truckers. Soort van Neil Young op coctail van speed en LSD. Gitaren, gitaren en gitaren dus

The Flaming Lips: deze must-see was de perfecte afsluiter van de dag. Een groteske show met slingers, confettikanonnen, Teletubbies, opblaasbare aliens en lasers die mateloos op de lachspieren werkt en die het begrip over the top weer een nieuwe invulling gaf. Helaas met slordige klank en deels ten koste van de muzikale kwaliteiten van het optreden. Schitterende nummers als Race for the Prize en The Yeah Yeah Yeah song verzopen op die manier in de fuzz of om het met een neo-anglicisme van een journalist van het Belang van Limburg te zeggen: het geluid zuigde.

Vrijdag

Vrijdag was duidelijk Metallicadag. Het was superdruk en niet enkel werd de wei overspoeld door Metallica-T-shirts (rond lijven van alle leeftijden overigens), maar ook de andere acts konden het niet laten om naar Metallica te refereren. Nina Nastasia en de zanger van Girls in Hawaii prezen de documentaire Some Kind of Monster aan (onlangs nog op TV overigens) en gaven aan toch ook wat medelijden met de metalgoden te hebben en bij materiaalproblemen bij de drummer van The Breeders, merkte Kelly Deal op dat “this wouldn’t happen to Lars”. Maar het geestigste was Cold War Kids-zanger Nathan Willet die al om half zes op het hoofdpodium werd getrakteerd op dikke rijen Metallicafans die zich vele uren op voorhand hadden opgesteld tegen de dranghekken en enigszins verveeld toekeken op hun grillige gospelbluesrock (of zoiets?). Willet: 3We zullen ons best doen om ook de talrijk opgekomen Metallicafans los te krijgen, maar ik begrijp dat het niet gemakkelijk zal zijn. Wij zijn immers veel donkerder en luider”

Naar het vrijdagprogramma dan:

Nina Nastasia: mooi optreden (in alle opzichten), maar na een dik half uur van deze naar NY uitgeweken singer-songwriter uit Hollywood, hadden we het wel gezien. Vooral gehoord eigenlijk

Girls in Hawaii: de Marquee werd letterlijk overspoeld voor Walloniës grootsten (na Michel Daerden) en de tent kon het publiek niet slikken, maar vanuit de rand zagen en hoorden we dat het goed was. Knappe songs

The Do: een complete maar aangename verrassing was dit Frans-Finse duo, want ik had er op voorhand nooit van gehoord. The Do drijft grotendeels op haar zéér straffe frontdame met een zeer breed stemgeluid die haar gitaar volledig beheerste en bij de beste momenten deed denken aan de jonge PJ Harvey ten tijde van haar debuut Dry. De moeite om in de
gaten te houden!

A Brand: deze Antwerpenaren zijn niet echt mijn ding, maar ik was wel onder de indruk van hun vakmanschap en sound. Weinig optredens gezien op deze drie dagen die zo knalden en klopten.

Cold War Kids: keek ik heel erg naar uit en losten mijn verwachtingen moeiteloos in. Stonden niet op hun plaats in het volle daglicht op het hoofdpodium, maar bleven desondanks stevig overeind. Eerste kippenvelmomenten van de driedaagse tijdens We Used to Vacation en Hang me up to Dry.

Tim Vanhamel: vond ik zeer overtuigend. In het verleden liepen Millionaire-optredens, hoe opwindend ze ook waren, vaak in de soep door materiaalproblemen of slordigheid, maar Vanhamel lijkt echt gegroeid te zijn en ik heb hem nooit beter bij stem gehoord dan afgelopen vrijdag.

The Breeders: altijd dolle pret met het slordige zussenduo Deal, maar het blijft bizar dat zus Kelly sinds de eerste keer dat ik de Breeders zag (in de Vooruit ergens in ‘93 of zo) nog steeds moeite heeft met diezelfde gitaarpartijen die ze toen ook telkens om zeep hielp. Niettemin, for old time sake, een leuk weerzien.

Tindersticks: voor het eerste sinds ‘94 terug op Pukkelpop. Toen grepen ze mij voor het eerst bij de keel, later leerde ik ze beter kennen en namen ze steeds meer plaats in mijn CD-collectie in. Gaven een zeer mooi, maar rustig en ingetogen concert zonder de luide uitbarstingen die vroeger hun optredens kenmerkten, waardoor er af en toe een flard Metallica in de tent gewaaid kwam. Zanger Stuart Staples kon er wel mee lachen, met al dat gitaargeweld van het hoofdpodium.

Gutter Twins: moest voor mij het hoogtepunt van de driedaagse worden en dat werd het ook. Greg Dulli bezorgt me al jàren veel muzikaal genot en met zijn maatje Marc Lanegan haalt hij onder hun gezamenlijk alter ego The Gutter Twins het hoogste niveau sinds het memorabele Gentlemen van Afghan Whigs. Weirdo Lanegan had weer duidelijk gevraagd dat er geen enkele spot op hem gericht zou worden zodat hij het hele optreden zijn bulderstem op de tent losliet vanuit het volstrekte duister, hij verzette geen stap en liet niet één keer zijn microfoonstandaard los. Dulli daarentegen bezette het hele podium en heerste als een perfecte master of ceremony over de bezwerende Guttersongs. Afijn, ik dus na een paar keer Afghan Whigs en Twilight Singers wéér van mijn sokken geblazen door Greg Dulli en co.

Zaterdag

The National: ik arriveerde na de prachtwedstrijd van de Olympische voetbalbelgen tegen Italië net op tijd om de dag meteen met een hoogtepunt te beginnen. Ik ben grote fan van hun laatste plaat Boxer en verwachtte dan ook veel van het optreden, niet in het minst na de lovende recensies op Werchter. Kippenvelmoment nummer één van de zaterdag: Fake Empire. En dan was ik nog maar een kwartier op de wei, dat beloofde.

COEM: onder goedkeurend oog van Hasselts burgemeester Reynders gaf COEM een schitterend optreden. Vanop de vierde rij – ik had nochtans beloofd op de eerste te gaan staan, sorry Marc – zag ik een groep spelen alsof hun leven er van af hing. Je hebt dat wel vaker met Limburgse groepen die jaren als bezoeker de Pukkelpopweide afschuimen en dan
wanneer ze zelf het podium op mogen, een soort fierheid uitstralen die van de gezichten af te lezen is. Falen is dan ook geen optie op zo’n moment. Het titelnummer van de nieuwe CD We’ve got speakers on the outside of our spacecraft was mijn persoonlijk hoogtepunt. Sinds ik samen met Marc en Jo Wetzels in het tweede middelbaar op het podium van de parochiezaal in Gerdingen stond om tijdens een free podium van de school Gloria van U2 te playbacken (met Marc als Bono, uiteraard, Jo op drums, toen al, ikzelf op een geïmproviseerde basgitaar die in feite een gewone elektrische gitaar was en Geert – what ever happend to him – Goossens als The Edge op een zelfgemaakte kartonnen gitaar, waarbij ik
me vooral veel zilverpapier herinner en lampjes), is er toch het één en het ander veranderd. Ik zou Gloria intussen ongeveer live kunnen meespelen als ik goed oefen, Marc en Jo daarentegen zijn volgroeide muzikanten geworden die zelf hele knappe nummers in elkaar steken. Positief jaloers heet dat dan. Ga zeker eens luisteren naar een paar nummers op www.myspace.com/coem

MGMT: believe the hype. Dit is écht een straf groepke. Denk aan Pink Floyd, maar dan zoals ze met Comfortably Numb door The Scissor Sisters werden gecoverd. Ik zat echt te wachten op het voorbij zwevende opblaasbare varken. Een feestje, maar wel één van het korte type: MGMT startte tien minuten te laat en stopte er tien te vroeg. Het was echter
voldoende om de tent in lichterlaaie te zetten

Bloc Party:  toevallig ontdekt tijdens hun optreden in de Club op Pukkelpop 2004 en daar in én keer overtuigd van hun potentieel. Nu, vier jaar later spelen ze de wei voor het hoofdpodium plat en klinken ze scherper en feller dan ooit. Een hoogtepunt weeral.

The Hicky Underworld: Eigenlijk gewoon naar gaan kijken omdat de drummer de buurman is van het koppel waarmee we zaterdag op Pukkelpop waren, maar weer een aangename verrassing. De laatste brok stevige gitaren van deze editie van Pukkelpop, maar ze waren dan ook van gewapend beton. En wat een drummer! Het schijnt nochtans een voorbeeldige buurman te zijn.

Elbow:  Elbow moest de mooie afronding van Pukkelpop worden, na het door mij gemiste optreden in de AB. Er werd vooral uit de laatste plaat geplukt, The Seldom Seen Kid, die ik de laatste weken en maanden heb grijsgedraaid (dat geeft een vals beeld als je weet dat ik dat op mijn iPod doe, maar kom). Prachtig optreden en wat een schitterende stem heeft die zanger toch. Logisch dat Tom Barman hem vroeg om een nummer in te zingen op de laatste dEUS.

Tot slot nog een eervolle vermelding voor hét T-shirt van deze editie. Op festivals doet iedereen moeite om met een “boodschap” rond te lopen. Die kan dienen om gelijkgestemde muziekfanaten te treffen, of om cool, straf, boertig, schattig, ruig of wat dan ook over te komen. Allemaal belangrijk op zulke dagen. Het hardste heb ik gelachen met een stevige
gezette jongeman (zeg maar een dikkerd) met een T-shirt met het opschrift “Fat People are hard to Kidnap”. Een stevig staaltje van zelfspot in de provincie waar ze daar nogal sterk in zijn. Respek !

Bookmark and Share

Geplaatst op 19 augustus 2008

Voeg een reactie toe

klaar voor pukkelpop

Het laatste stuk van mijn kleine maand verlof dient zich aan. Voor het eerst sinds lang ga ik naar de volledige Pukkelpop-driedaagse. Mijn eerste Pukkelpop was die van 1990 met memorabele optredens van Mudhoney, Faith No More, The Cramps en Nick Cave en sindsdien ben ongeveer elk jaar wel minstens een dag geweest.

Ik ga drie dagen, gewoon omdat ik niet kon kiezen. Er is zoveel dat ik wil zien…  Bovendien lijkt het me de ideale afsluiter van een ontspannend verlof dat gevolgd zal worden door een ongetwijfeld turbulent laatste kabinetsjaar.

Mijn Pukkelparcours ziet er ongeveer zo uit:

Donderdag

Motek, Santogold, Tricky, Ian Brown, Editors, Freaky Age, Mercury Rev, Iron and Wine, Roisin Murphy, The Flaming Lips, …

Vrijdag

Girls in Hawaii, Arsenal, Tim Vanhamel, Martina Topley-Bird, The Rascals, The Breeders, Tindersticks, The Gutter Twins, Blood Red Shoes, Cold War Kids,…

Zaterdag

The Black Box Revelation, The Wombats, Fuck Buttons, Yeasayer, COEM, MGMT, Dresden Dolls, Bloc Party, 2manydjs, We are Scientists, Sigur Ros, Soulwax, Elbow, The National, Crystal Castles,…

Ongetwijfeld zoals steeds aangevuld met een aantal optredens waar je voorbij waait en blijft hangen om je te laten verrassen of optredens die ik me ter plaatse door vrienden laat aanpraten.

Ik zorg zeker voor een verslagje. Back in Business dus

Bookmark and Share

Geplaatst op 13 augustus 2008

Voeg een reactie toe